Selecteer uw kantoor uit onderstaande lijst

Op basis van uw locatie selecteerden wij ons kantoor in . Wijzigen? Zoek SBB-kantoor.

Als vereniging een onroerend goed verhuren: zo wordt u belast

Gepubliceerd op 07-09-17

Stel: als vereniging wil u een onroerend goed verhuren dat u anders toch niet gebruikt. Dat kan, maar de huurinkomsten moet u wel aangeven in de belastingaangifte van de vereniging. Hoe u daarvoor precies tewerk gaat, hangt ervan af of uw vereniging zelf eigenaar is van het pand of de grond. We zetten de opties op een rij.

Optie 1: het onroerend goed is eigendom van uw vereniging

In dat geval moet u de huurinkomsten aangeven in de rechtspersonenbelasting binnen de rubriek ‘Onroerend inkomen’ (codes 5000-5050). Op het huurexcedent – de netto huurprijs min het geïndexeerde kadastrale inkomen – betaalt u 20% belastingen. Bovendien bestaat de kans dat uw vereniging onroerende voorheffing moet betalen. Dit principe is zowel geldig voor onroerend goed gelegen in België en het buitenland.

In enkele specifieke gevallen hoeft u de huurinkomsten niet aan te geven:

  • U verhuurt aan een natuurlijk persoon die het onroerend goed niet gebruikt voor zijn beroepsactiviteiten.
  • Uw huurder gebruikt het onroerend goed voor land- of tuinbouw en de overeenkomst valt onder de pachtwetgeving.
  • Uw huurder streeft geen winstoogmerken na en het onroerend goed wordt enkel gebruikt voor de openbare uitoefening van een eredienst of de vrijzinnige morele dienstverlening, voor onderwijs, om er een hospitaal, kliniek, dispensarium, rusthuis, vakantiehuis voor kinderen of gepensioneerden in onder te brengen, of voor soortgelijke weldadigheidsinstellingen.


Optie 2: uw vereniging is zelf huurder van het onroerend goed

Aangezien uw vereniging zelf geen eigenaar is van het pand of de grond, is er sprake van onderverhuring en zijn er twee huurovereenkomsten in het spel. De huurinkomsten die u van uw onderverhuurder ontvangt, moeten eveneens in uw aangifte rechtspersonenbelasting, maar onder de restcategorie ‘Diverse inkomsten’ (codes 5431-5434). Deze rubriek wordt sinds 1 januari 2017 belast aan een tarief van 30% bevrijdende roerende voorheffing. Binnen de 15 dagen na de betaalbaarstelling moet u de roerende voorheffing aangeven en betalen via de toepassing Rv-on-web (formulier 273).

Tot slot nog dit: verhuur van een onroerend goed is niet hetzelfde als terbeschikkingstelling. Bij onroerende verhuur verleent de ene partij, tegen een vergoeding en voor een overeengekomen termijn, aan een andere partij het recht om een onroerend goed te gebruiken als eigenaar. Bij terbeschikkingstelling, daarentegen, is de verhuur van het onroerend goed niet langer de hoofdzaak van de overeenkomst, maar een geheel van diensten. Terbeschikkingstelling is dan ook onderworpen aan btw.

Hebt u een vraag over onroerende verhuur? U kunt steeds mailen naar socialprofit@sbb.be. Ons socialprofitteam helpt uw vereniging graag verder met alle fiscale ins en outs. 

Annette

Annette

adviseur social profit

Praktijkgidsen

Praktijkgidsen

Wij krijgen elke dag vragen van klanten die voor belangrijke investeringsbeslissingen staan. Om hen wegwijs te maken in de vaak complexe wetgeving waarmee ze geconfronteerd worden, heeft ons kenniscentrum een aantal praktijkgidsen uitgewerkt die u wellicht zullen interesseren. U kan ze gratis downloaden.

 

Bekijk alle praktijkgidsen
Schrijf u in op de nieuwsbrief en blijf steeds op de hoogte van veranderingen in uw sector
Bedankt voor uw inschrijving.