Dividend VVPR-bis: wijzigingen vanaf 2022

Rani Van Lysebeth
Fiscaal advies

Wat is de VVPR-bis regeling?

Voor een gewone dividenduitkering geldt een roerende voorheffing aan 30%. Onder bepaalde voorwaarden kan je in de VVPR-bis regeling genieten van een lager tarief van 20% of 15% (bv. wanneer je een eenmalige wachttermijn respecteert vooraleer je je dividend uitkeert).

Het tarief van 15% geldt bij een winstverdeling vanaf het derde boekjaar na dat van de geldinbreng, met andere woorden vanaf het vierde boekjaar. Zo’n winstverdeling gebeurt doorgaans bij de gewone algemene vergadering die vanaf het vijfde boekjaar samenkomt om de winstverdeling van het voorgaande boekjaar te beslissen.

 

Let op: je kan ook een jaar vroeger uitkeren door in de loop van het vierde boekjaar een bijzondere algemene vergadering bijeen te roepen en daar een tussentijds dividend toe te kennen.

 

Wat verandert er voor dividenden vanaf 1 januari 2022?

Sinds 1 januari 2022 zijn er enkele voorwaarden om deze VVPR-bis regeling te genieten, gewijzigd.

  1. Vennootschappen die hun niet-volstort gedeelte van het kapitaal tussen 1 mei 2019 en 15 december 2021 hebben verminderd via een vrijstelling van de volstortingsplicht, hebben geen recht meer op de VVPR-bis tenzij ze uiterlijk op 31 december 2022 het kapitaal weer verhogen (zonder uitgifte van nieuwe aandelen) tot minstens het initiële niveau van vóór de vrijstelling van de volstortingsplicht.

    Vennootschappen kunnen dus nog steeds het kapitaal volledig volstorten uiterlijk vóór de toekenning van een dividend aan 20% of 15%. Het startpunt van de eenmalige wachttermijn blijft onveranderd. Deze start nog steeds op het ogenblik van de initiële inbreng in geld.
     
  2. De uitsluiting van ‘preferente aandelen’ is vervangen door een uitsluiting van ‘aandelen met een voorkeursrecht m.b.t. verdeling van de winst, het kapitaal of t.a.v. de verdeling van het maatschappelijk vermogen’. Dit is een versoepeling doordat aandelen met benoemingsrechten of een meervoudig stemrecht niet langer zijn uitgesloten van de VVPR-bis regeling.
     
  3. De inbreng in geld mag niet meer voorkomen uit een liquidatiereserve belast aan 5% roerende voorheffing uit een verbonden vennootschap of geassocieerde persoon. Dit is een nieuwe antimisbruikbepaling. Ook een inbreng in geld dat voortkomt uit een kapitaalvermindering uit een verbonden vennootschap, is uitgesloten.

De nieuwe voorwaarden zijn van toepassing voor dividenden die vanaf 1 januari 2022 worden toegekend of betaalbaar gesteld.

 

Voor dividenden uit zogenaamde liquidatiereserves, ook wel VVPR-ter, zijn er geen aanpassingen.

Meer weten?

Heb je nog vragen over de VVPR-bis regeling na het lezen van dit artikel? Neem contact op met een SBB-kantoor in je buurt. Onze collega’s helpen je graag verder.