Individuele pensioentoezegging (IPT) of liquidatiereserve: wat is voordeliger?

Je winst storten in je aanvullend pensioenplan of een liquidatiereserve aanleggen, zijn twee courante technieken om als arts-bedrijfsleider op een fiscaal gunstig manier geld uit je vennootschap te halen. Maar wat is het voordeligst? We illustreren dit met een cijfervoorbeeld. 

De winsten van je artsenvennootschap kan je jaarlijks uitkeren als dividend, maar dat is fiscaal niet zo interessant. Beter is om die als ‘liquidatiereserve’ te boeken op je balans of volgens het VVPR-bis-regime uit te keren. Ook de IPT- of groepsverzekeringspremie is fiscaal gunstiger, op voorwaarde dat je als bedrijfsleider regelmatig en minstens maandelijks een bezoldiging van de vennootschap ontvangt.

Individuele Pensioentoezegging: de 80%-regel 

Een fiscaal interessante manier om als arts een aanvullend pensioenkapitaal op te bouwen is via het storten van premies in een pensioenplan. Het voordeel: de vennootschap betaalt de premie die jij kan aftrekken als beroepskosten, zolang je de fiscale 80%-grens niet overschrijdt. 

Wat is de 80%-regel?

De som van het wettelijk en aanvullend pensioen, uitgedrukt in jaarlijkse renten, mag niet meer bedragen dan 80% van je referentie-inkomen.

Tolerantie voor te hoge premies gestort in 2021 en 2022  

De retroactieve verhoging van het wettelijk pensioen voor zelfstandigen – in 2021 – zorgde ervoor dat veel vennootschappen te hoge IPT-premies hebben gestort voor 2021 en 2022. Een administratieve tolerantie laat toe om het ‘overschot’ aan premiebetalingen voor deze jaren boekhoudkundig over te dragen naar de volgende jaren.  

De bedragen die je overzet naar boekjaar 2023 worden beschouwd als ‘voorschotten’ op de IPT-premies van dat jaar. Wordt hiermee de 80%-regel voor 2023 al bereikt, dan kan je dit jaar geen bijkomende premies meer storten. Je kan eventueel wel kiezen om de IPT-polis tijdelijk premievrij te maken, als die geen bijkomende waarborgen biedt, zoals een gewaarborgd inkomen. 

Vrijwillige overschrijding van 80%-grens 

Blijft de vennootschap in 2023 boven de 80%-grens toch IPT-premies doorstorten, dan zijn deze premies niet meer fiscaal aftrekbaar. De fiscus beschouwt deze niet als een belastbaar voordeel van alle aard. 

Opgelet! De minister van Financiën wil deze regel in de toekomst veranderen. Artsen-bedrijfsleiders zouden dan toch belast worden op de niet-aftrekbare premies als een voordeel alle aard. 

Een cijfervoorbeeld 

Wanneer is het  doorstorten van niet-aftrekbare premies fiscaal gunstig? We vergelijken vijf scenario’s, uitgaande van: 

  • Boekhoudkundige winst vóór IPT-premie van € 60.000
  • Nominale IPT-premie van € 10.000
  • Vennootschapsbelasting van 25%
  • Een vlak tarief van 21% aan taksen en personenbelasting op de uitkering van het IPT
  • Aanleg maximale liquidatiereserve (LR) na de wachttermijn van vijf jaar, met uitzondering van scenario 4, waarin de vennootschap kiest voor een uitkering onder het VVPR-bis-regime 
  Scenario 1
Volledig aftrekbare IPT en LR

Scenario 2
Niet-aftrekbare IPT en LR

Scenario 3
Helft IPT aftrekbaar en LR

Scenario 4
Geen IPT en LR VVPR-bis
Scenario 5
Geen IPT
LR
Boekhoudkundige winst 50.000 50.000 50.000 60.000 60.000
IPT-premiei 0 10.000 5.000 0 0
Fiscaal resultaat 50.000 60.000 55.000 60.000 60.000
Vennootschapsbelasting 25% 12.500 15.000 13.750 15.000 15.000
Netto  LR 34.090,91 31.818,18 32.954,55 0 40.909,09
Netto dividend 32.386,36 30.277,27 31.306,82 38.250 38.863,64

IPT bij pensioen

Na taksen en personenbelasting

Netto bij pensioen

10.000

 

7.860

 

40.246,36

10.000

 

7.860

 

38.087,27

10.000

 

7.860

 

39.166,82

 

 

 

 

38.250

 

 

 

 

38.863,64

Conclusie 

Uit het cijfervoorbeeld blijkt dat zowel de IPT-premie als de liquidatiereserve waardevolle alternatieven zijn voor het uitkeren van een dividend. De opbouw van een liquidatiereserve is vooral interessant wanneer je tijdens je carrière nog over deze gelden wil beschikken, om te beleggen of investeren bijvoorbeeld. Het kapitaal dat je via IPT-premies opbouwt, zit immers vast tot aan je pensioen. Om diezelfde reden is de combinatie van een niet-aftrekbare IPT-premie en een liquidatiereserve niet per se voordeliger dan een VVPR-bis-dividend of het louter aanleggen van een liquidatiereserve.  

Wil je weten welke techniek voor jou het meest voordelig is?

Neem dan contact met één van onze experten.

Nathalie Put
Nathalie Put