Verenigingswerk in een nieuw (tijdelijk) jasje

Rani Van Lysebeth
Fiscaal advies

Vorige regeling

Sinds 15 juli 2018 kon je als verengingswerker tot 6.000 euro per jaar (niet-geïndexeerd) bijklussen zonder belastingen of sociale bijdragen te betalen. Dit was mogelijk onder bepaalde strikte voorwaarden waaronder een lijst van toegelaten activiteiten, minstens 4/5de werken, geen professionele diensten enzovoort.

Nieuwe regeling

Vanaf 1 januari 2021 geldt er een nieuwe regeling voor verenigingswerk, deze behoudt bepaalde principes en krachtlijnen van het voormalige systeem. Maar een aantal zaken worden ook aangepast of verder uitgewerkt.

Ten eerste moet je als bijklusser minstens 18 jaar oud zijn. Je moet ook aan het werk of gepensioneerd zijn, maar het is niet meer verplicht om minstens 4/5de te werken. 

Daarnaast is de nieuwe wet enkel van toepassing op verenigingswerk in de sportsector. Volgende activiteiten worden beschouwd als verenigingswerk:

  • animator, leider, monitor of coördinator die sportinitiatie en/of sportactiviteiten verstrekt;
  • sporttrainer, sportlesgever, sportcoach, jeugdsportcoördinator, sportscheidsrechter, jurylid, steward, terreinverzorger-materiaalmeester, seingever bij sportwedstrijden;
  • conciërge van sportinfrastructuur;
  • hulp en ondersteuning bieden op occasionele of kleinschalige basis op het vlak van het administratief beheer, het bestuur, het ordenen van archieven of het opnemen van een logistieke verantwoordelijkheid bij activiteiten in de sportsector;
  • hulp bieden op occasionele of kleinschalige basis bij het opstellen van nieuwsbrieven en andere publicaties (zoals websites) in de sportsector;
  • verstrekker van opleidingen, lezingen, en presentaties in de sportsector.

 

Verder geniet je als verenigingswerker extra bescherming, er zijn namelijk regels voorzien met betrekking tot het uurrooster, rustpauzes, rustperiodes en opzeg. Er kunnen ook maximaal drie overeenkomsten van verenigingswerk per jaar worden gesloten tussen dezelfde partijen. Aangezien het nieuwe systeem slechts betrekking heeft op één jaar, kan de einddatum van de overeenkomst niet later zijn dan 31 december 2021.

Vervolgens is er een minimumvergoeding van 3,57 euro per uur (niet-geïndexeerd) en kan je maximaal gemiddeld op kwartaalbasis 50 uren per maand verrichten. Het plafond van 6.000 euro per kalenderjaar (niet-geïndexeerd) blijft behouden. Het maximaal bedrag aan inkomsten uit verenigingswerk bedraagt momenteel 500 euro per maand (niet-geïndexeerd).

Tot slot kan je als verenigingswerker niet langer onbelast bijverdienen in 2021. Er is een belastingheffing van 10% op de vergoeding van de verenigingswerker, te betalen door de verenigingswerker, en een solidariteitsbijdrage van 10% op de vergoeding van de verenigingswerker, te voldoen door de organisatie. 

Alternatieven voor verenigingswerk

Het verenigingswerk is dus enkel nog mogelijk voor activiteiten in de sportsector. Met andere woorden, andere verenigingen, VZW’s en openbare besturen kunnen geen gebruik meer maken van het verenigingswerk in 2021. Voor deze organisaties blijven de bestaande mogelijkheden gelden, zoals het inschakelen van vrijwilligers, werknemers, zelfstandigen, freelancers en dergelijke meer.

 

Opgelet!

Verenigingswerk is niet hetzelfde als vrijwilligerswerk. Vrijwilligers kunnen enkel een reële of forfaitaire kostenvergoeding (eventueel aangevuld met een beperkte kilometervergoeding) ontvangen voor hun inzet. Meer informatie over de vrijwilligersvergoeding vind je hier.

In de praktijk: reken op je SBB-expert

Wees zeker van je zaak en schakel tijdig de hulp in van een expert. Wij staan je graag met raad en daad bij.