Soepelere terugbetaling elektriciteit voor wagen
Je hoeft niet langer per laadbeurt de werkelijke elektriciteitsprijs van dat moment op te zoeken. Voortaan mag je vennootschap de kosten van elektriciteit die je (of je personeel) thuis ‘tankt’ om je elektrische wagen op te laden, terugbetalen op basis van een forfaitair gemiddeld tarief dat door de CREG vastgesteld wordt.
De essentie
Tot eind 2024 moest je vennootschap de werkelijke kosten die je zelf betaalt om je elektrische of hybride wagen thuis op te laden, terugbetalen. Je moest met andere woorden per laadbeurt de elektriciteitsprijs van dat tankmoment hanteren om vast te stellen welk bedrag je vennootschap je fiscaal gezien mag terugbetalen. Dat is uiteraard zeer omslachtig. Daarom heeft de minister van financiën beslist dat de terugbetaling ook mag gebeuren op basis van een forfaitair gemiddeld tarief dat door de CREG vastgesteld wordt. Die regeling zou oorspronkelijk slechts tijdelijk gelden, tot eind 2025, maar is nu door de minister definitief gemaakt. Voortaan heb je de keuze tussen de terugbetaling van de werkelijke kosten, of op basis van het forfait.
Je wagen opladen aan een publieke laadpaal
Laad je je wagen op aan een publieke laadpaal met een laadpas waarvan de kosten door je vennootschap betaald worden, dan is er fiscaal gezien geen probleem. Zo’n laadpas wordt immers op dezelfde manier behandeld als een klassieke tankkaart. De waarde van de elektriciteit die je ‘tankt’ is met andere woorden reeds begrepen in het voordeel van alle aard (VAA) waarop je belast wordt voor het privégebruik van de wagen. Voor de elektriciteit die je tankt word je dus niet nog eens op een extra voordeel belast.
Voor je personeelsleden die met een elektrische of hybride bedrijfswagen rijden, gelden dezelfde regels als voor jou als bedrijfsleider.
Je wagen thuis opladen
Laad je je wagen thuis op, dan is het logisch dat ook de kosten van deze elektriciteit door de vennootschap betaald worden. Onder bepaalde voorwaarden kan en mag dat, en zolang je vennootschap niet méér dan de werkelijke kostprijs van de elektriciteit terugbetaalt, gelden dezelfde regels als voor een laadbeurt aan een publieke laadpaal, en word je met andere woorden niet bijkomend belast.
Tot eind 2024 moest je zelf aantonen (via je elektriciteitsfactuur) hoeveel je per laadbeurt precies voor de elektriciteit betaald hebt (prijs per Kwh). Dat is uiteraard zeer omslachtig. Je moet bovendien op een betrouwbare manier kunnen aantonen hoeveel Kwh elektriciteit je wagen thuis getankt heeft (zeker wanneer je over meerdere elektrische wagens beschikt).
Betaalt je vennootschap méér terug dan de werkelijke kost, dan word je belast op wat je te veel ontvangen hebt. Dat ‘teveel’ wordt dan als extra loon beschouwd en dus ook als dusdanig belast.
Je mag ook een forfaitair tarief gebruiken
Omdat er veel kritiek kwam op deze omslachtige manier van werken, heeft de minister van financiën eind 2024 beslist dat de terugbetaling van de thuis getankte elektriciteit ook mag gebeuren op basis van een forfaitair gemiddeld tarief dat door de CREG (dat is de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas) op kwartaalbasis vastgesteld wordt. Zo kan over de hoogte van het terugbetaalde bedrag geen discussie ontstaan.
Het forfaitaire tarief verschilt naargelang het gewest waarin je woont en bedraagt:
| Kwartaal | Gewest | Prijs (eurocent/kWh) |
|---|---|---|
| Kwartaal 1 | Vlaamse Gewest | 28,22 |
| Waalse Gewest | 32,56 | |
| Brusselse Hoofdstedelijke Gewest | 32,94 | |
| Kwartaal 2 | Vlaamse Gewest | 31,94 |
| Waalse Gewest | 36,17 | |
| Brusselse Hoofdstedelijke Gewest | 35,85 | |
| Kwartaal 3 | Vlaamse Gewest | 34,56 |
| Waalse Gewest | 38,43 | |
| Brusselse Hoofdstedelijke Gewest | 37,87 |
Tip. De fiscus maakt voor de belastingvrije terugbetaling van de laadkosten geen onderscheid tussen stroom die je van het net haalt en stroom die van je zonnepanelen afkomstig is.
Let op! Deze tolerantie geldt enkel indien het exacte elektriciteitsverbruik voor het opladen van de bedrijfswagen bekend is en bewezen wordt via een laadpaal met een communicatiesysteem of andere verifieerbare methode (bv. een tussenteller).
Systeem wordt permanent
Deze toegeving gold in eerste instantie enkel voor het jaar 2025. Vanaf 2026 zou je opnieuw de werkelijke elektriciteitskosten moeten terugbetalen.
De (nieuwe) minister van financiën heeft nu echter laten weten dat het systeem van de forfaitaire terugbetaling permanent wordt. Voortaan heb je dus de keuze:
- Ofwel laat je je vennootschap het door de CREG vastgestelde forfaitaire tarief terugbetalen (wat zeer voordelig is wanneer je zonnepanelen hebt).
- Ofwel laat je je vennootschap de werkelijke elektriciteitskosten terugbetalen.
Wat moet je concreet doen?
Houd per kwartaal bij hoeveel kWh stroom je wagen bij je thuis ‘getankt’ heeft en geef dit door aan je SBB-adviseur (en zorg ervoor dat je die hoeveelheid stroom ook kan bewijzen).
Je SBB-adviseur zal op basis daarvan het correcte bedrag berekenen dat je vennootschap je belastingvrij kan terugbetalen en dit meteen ook correct in je boekhouding verwerken.
Meer weten?
Aarzel niet je SBB-adviseur te contacteren voor meer info over de terugbetaling van thuis getankte elektriciteit, of over de fiscale aspecten van bedrijfswagens in het algemeen.