Passieve holdings in het vizier van de fiscus: activeer je holding!
Een holdingvennootschap die aandelen bezit in een of meerdere dochtervennootschappen is een interessant vehikel voor risicospreiding, overnames of familiale planning.
Een Belgische holding heeft ook heel wat fiscale troeven. Zo kan de holding de winsten van haar dochtervennootschap(pen) belastingvrij laten opstromen. Zij kan haar aandelenparticipaties verkopen met een belastingvrije meerwaarde. De aandelen van een holding kunnen ook worden geschonken tegen het verlaagd schenktarief van 3%.
Om die voordelen te genieten moeten de fiscale spelregels nauwgezet worden nageleefd, zo niet dreigt de structuur in het vaarwater te komen van de fiscale anti-misbruikregels. De laatste jaren is de fiscus dit actief aan het controleren. Dat resulteerde in belangrijke Europese rechtspraak met de zogenaamde Danish cases maar ook in recente Belgische rechtspraak.
Het probleem van de ‘passieve’ holdings
Bij ‘passieve’ holdings worden de fiscale voordelen geweigerd wanneer de structuur kunstmatig oogt. Een gebrek aan economische substantie is daarbij doorslaggevend.
De fiscus kijkt steeds kritischer naar holdingvennootschappen die te weinig economische activiteit hebben. Een recent arrest van het hof van beroep Bergen maakt dat opnieuw duidelijk (arrest van 21 januari 2026).
Een holding werd opgericht in het kader van een familiale herstructurering. Daarbij werden bepaalde aandeelhouders uitgekocht uit een reeds bestaande holdingvennootschap. Kort na de oprichting werden dividenden opgestroomd naar de holding om deze aankoop te financieren. De fiscus beschouwde de constructie als kunstmatig en weigerde de vrijstelling van de dividenden in de holding. Dit resulteert in een zware economische
dubbele belasting. De winst werd immers reeds belast in de dochtervennootschap maar wordt nogmaals belast in de holding.
Het hof van beroep Bergen volgde de redenering van de fiscus. Uit de feiten leidde het hof namelijk af dat de holding geen economische substantie had.
Dit is geen alleenstaand arrest. Zo heeft ook het Hof van beroep te Gent de vrijstelling geweigerd voor een dividenduitkering van een Belgische dochtervennootschap aan een Luxemburgse SOPARFI omdat die laatste te weinig economische substantie en activiteiten had in Luxemburg (arrest 1 december 2020).
In een andere case heeft de rechtbank van Leuven de vrijstelling geweigerd aan een Belgische vennootschap die een dividend had verkregen uit een dochtervennootschap in het Verenigd-Koninkrijk (vonnis 6 juni 2025).
Ook de rechtbank van eerste aanleg in Brugge weigerde de toepassing van een inhoudingsvrijstelling omdat de holding een kunstmatige
constructie zou zijn geweest (vonnis 21 oktober 2024).
Belgische of Nederlandse holdings
Veel ondernemers die actief zijn in België en Nederland structureren hun activiteiten via een klassieke holdingstructuur: een Belgische holding die de aandelen aanhoudt in een Nederlandse werkvennootschap, of omgekeerd.
Fiscaal efficiënt? Dat was lange tijd het uitgangspunt. Maar de recente ontwikkelingen maken dit een stuk minder vanzelfsprekend voor grensoverschrijdende holdings, zeker wanneer die enkel fungeren als een fiscaal vehikel om de grensoverschrijdende dividendstromen te optimaliseren.
Want ook in Nederland zijn de Belastingdienst en rechtspraak strenger geworden. Zo bevestigt de Hoge Raad dat de Nederlandse Belastingdienst de inhoudingsvrijstelling voor dividendbelasting kan weigeren wanneer sprake is van misbruik of een kunstmatige structuur. Dat betekent concreet dat dividenden van een Nederlandse vennootschap aan een Belgische holding toch belast kunnen worden met Nederlandse dividendbelasting. En aan de Belgische zijde zou de Belgische fiscus de vrijstelling op de ontvangen dividenden kunnen verwerpen.
Een structuur die jaren geleden perfect verdedigbaar was, kan vandaag fiscaal kwetsbaar zijn.
Activeer je holding
Evalueer de groepsstructuur!
Ondernemers doen er goed aan om de huidige groepsstructuren te evalueren om fiscale risico’s te identificeren en moeten voldoende zorgvuldig zijn bij het opzetten van holdingstructuren met aandacht voor de economische onderbouwing. Vermijd zeker doorstroomstructuren zonder inhoudelijke betrokkenheid van de holding.
Hoe activeert u een holding?
Dat kan op verschillende manieren. Zo kunnen management- of ondersteunende dienstprestaties worden gecentraliseerd in de holding. In functie van de activiteit in de holding wordt van het nodig personeel en investeringen voorzien, denk aan een kantoor, bedrijfswagen, leveranciers, …
‘Actieve’ holding ook belangrijk voor de schenkbelasting
Bij een ‘actieve’ holding komt de volledige waarde van de aandelen in aanmerking voor het verlaagd schenktarief van 0%. Sinds 1 januari 2026 bestaat hierop een uitzondering wanneer de holding residentieel vastgoed bezit.
Meer weten?
Aarzel niet om onze experten te contacteren via:
Gerelateerde blogs
Wil je advies dat volledig afgestemd is op jouw onderneming?
Neem contact op met het SBB-kantoor in je buurt.