Selecteer uw kantoor uit onderstaande lijst

Op basis van uw locatie selecteerden wij ons kantoor in . Wijzigen? Zoek SBB-kantoor.

U heeft hulp nodig op het bedrijf? Hoe kunnen uw familieleden u als zelfstandige bijstaan?

Gepubliceerd op 21-11-14

Een zelfstandige runt zijn bedrijf vaak met hulp van familieleden. U kent het uiteraard : ouders, echtgenoten, kinderen, ooms, tantes die inspringen in drukke periodes. Hoe dienen zij sociaal verzekerd te zijn? U leest het hier.

De meewerkende echtgenote

De meewerkende echtgenote of wettelijk samenwonende van een zelfstandige zonder gelijkwaardig statuut, moet aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds ten laatste op de dag waarop zij haar activiteit start. Tenminste wanneer zij op regelmatige basis hulp verleent.

 

Wie geboren is na 1955 sluit als meewerkende echtgenote automatisch aan in het zogenaamde maxistatuut. Dat is een volwaardig fiscaal statuut. Het beroepsinkomen wordt fiscaal gesplitst en de meewerkende echtgenote verwerft een eigen inkomen, met een eigen kostenaftrek. Ook de sociale bijdragen worden apart berekend en geven aanleiding tot een volwaardig sociaal statuut. De meewerkende echtgenote vrijwaart dus haar rechten op pensioen, kinderbijslag en ziekteverzekering.

Wie geboren is vóór 1956, kan ook opteren voor het ministatuut. Het ministatuut voorziet enkel in een verzekering tegen arbeidsongeschiktheid. Word je arbeidsongeschikt, dan krijg je een uitkering van het ziekenfonds. Je betaalt dan ook bijdragen die worden berekend op het beroepsinkomen van je zelfstandige echtgenoot. Het ministatuut biedt dus geen volwaardig fiscaal en sociaal statuut zoals dit binnen het maxistatuut wel het geval is.

Zoals hierboven aangehaald kan je maar aansluiten als meewerkende echtgenote als je geen gelijkwaardig statuut hebt. Je hebt een gelijkwaardig statuut als je daarnaast:

Ook als de echtgenoot of de persoon met wie men wettelijk samenwoont, uitsluitend bedrijfsleider is van een vennootschap is een aansluiting als meewerkende echtgenote niet mogelijk. Heeft men zelf ook aandelen in de vennootschap, dan is men werkend vennoot, en moet men aansluiten als zelfstandige. Hetzelfde geldt als men een mandaat bekleedt of inkomsten verwerft uit de vennootschap.

Andere familieleden die inspringen

Als zelfstandige mag u ook de hulp inroepen van familieleden, vrienden of kennissen om te komen helpen in uw zaak. Zij worden dan niet als personeel beschouwd, maar als helper. 

Een helper is iemand die een zelfstandige in zijn zaak helpt of vervangt, zonder daarbij verbonden te zijn door een arbeidsovereenkomst. Dat laatste is het grote verschil met de werknemer. Een helper kan alleen hulp bieden aan een natuurlijk persoon, niet aan een vennootschap. De helper is vaak, maar niet noodzakelijk, een familielid van de zelfstandige. Ook helpers moeten zich aansluiten bij een sociaalverzekeringsfonds wanneer zij regelmatig hulp bieden op het bedrijf. Toevallige helpers die occasioneel en voor minder dan 90 dagen per jaar hulp bieden zijn niet verzekeringsplichtig.

En hulp van gepensioneerden?

Ook wanneer men als gepensioneerde regelmatig helpt op het bedrijf is men verzekeringsplichtig als helper. U betaalt geen sociale bijdragen wanneer uw jaarinkomen de vrijstellingsgrens van 2 847,80 EUR niet overschrijdt. Verdient u meer, dan betaalt u wel sociale bijdragen als zelfstandige maar aan een lager tarief dan de zelfstandige in hoofdberoep.

 

Isabel

Isabel

juridisch adviseur

Praktijkgidsen

Praktijkgidsen

Wij krijgen elke dag vragen van klanten die voor belangrijke investeringsbeslissingen staan. Om hen wegwijs te maken in de vaak complexe wetgeving waarmee ze geconfronteerd worden, heeft ons kenniscentrum een aantal praktijkgidsen uitgewerkt die u wellicht zullen interesseren. U kan ze gratis downloaden.

 

Bekijk alle praktijkgidsen
Schrijf u in op de nieuwsbrief en blijf steeds op de hoogte van veranderingen in uw sector
Bedankt voor uw inschrijving.