Selecteer uw kantoor uit onderstaande lijst

Op basis van uw locatie selecteerden wij ons kantoor in . Wijzigen? Zoek SBB-kantoor.

Naar aanleiding van de staatshervorming is de aangifte in de personenbelasting op verschillende vlakken gewijzigd.

Gepubliceerd op 20-07-16

Belgische rijksinwoners worden belast op hun wereldwijd inkomen. Ze moeten dan ook de inkomsten van een in het buitenland gelegen onroerend goed aangegeven in hun Belgische belastingaangifte. Een recente circulaire van 29 juni 2016 licht toe hoe dit moet gebeuren en hoe de zgn brutohuurwaarde mag worden bepaald.

Indien het onroerend gelegen is in een land waarmee België een dubbelbelastingverdrag heeft afgesloten, worden de inkomsten in België vrijgesteld met progressievoorbehoud. Dit wil zeggen dat de inkomsten in België niet belast zullen worden maar dat België bij de bepaling van de belasting op de Belgische inkomsten rekening zal houden met de buitenlandse inkomsten om het tarief te bepalen dat van toepassing is op de buitenlandse inkomsten.

Wat er nu effectief aangegeven moet worden als buitenlands onroerend inkomen is niet steeds duidelijk. In principe moet de brutohuur worden vermeld. Wanneer het onroerend goed niet verhuurd wordt, moet de bruto huurwaarde worden vermeld.

De brutohuur wordt vastgesteld volgens de Belgische normen, dit wil zeggen de werkelijke ontvangen huur verhoogd met eventuele huurvoordelen. Anderzijds mogen de in het buitenland betaalde onroerende belastingen worden afgetrokken van de brutohuur.

De vaststelling van de bruto huurwaarde is minder evident. In principe is dit de gemiddelde jaarlijkse bruto huuropbrengst die u zou kunnen krijgen als u het onroerende goed zou verhuurd hebben. Op heden bestaat er verschillende rechtspraak over dit begrip en over het discriminerende karakter ervan. In vergelijking met de verhuur van een Belgisch onroerend goed in het kader van het privégebruik wordt de verhuur van een buitenlands onroerend goed zwaarder belast.

Om aan deze discussie tegemoet te komen heeft de administratie eind juni een circulaire gepubliceerd over de bepaling van de huurwaarde voor een onroerende goed dat niet verhuurd wordt.

Volgens de administratie wordt de huurwaarde vastgesteld volgens de volgende richtlijnen

Dit betekent dat men zich voor de huurwaarde mag baseren op de buitenlandse waarderingsmethoden die gebruikt worden om de buitenlandse belastingen op het onroerend te berekenen. Dit kan de berekeningsbasis zijn voor de inkomstenbelasting, de onroerende voorheffing, de gemeentebelasting of enige andere belasting.

Zo wordt bijvoorbeeld voor Frankrijk bepaalt dat de huurwaarde gebaseerd kan worden op het "avis d'imposition taxe foncière" voor het betreffende jaar.

Bovendien mag dit bedrag verminderd worden met de buitenlandse belasting die werkelijk de inkomsten van dit onroerend goed hebben bezwaard.

Zo mag voor Frankrijk de verschuldigde "taxe foncière" in mindering worden gebracht. Aangezien de "taxe d'habitation" niet enkel verschuldigd is door eigenaars maar ook door huurders en genotshebbers, mag deze belasting niet in mindering worden gebracht. 

Anse

Anse

accountant - belastingconsulent

Schrijf u in op de nieuwsbrief en blijf steeds op de hoogte van veranderingen in uw sector
Bedankt voor uw inschrijving.