Selecteer uw kantoor uit onderstaande lijst

Op basis van uw locatie selecteerden wij ons kantoor in . Wijzigen? Zoek SBB-kantoor.

Wat moet u doen bij het faillissement van een klant?

 

Een goede opvolging van het betalingsverkeer van uw klanten is voor u van groot belang. Zeker in economisch steeds moeilijkere tijden wilt u de vinger aan de pols van uw klanten houden en bent u liefst snel op de hoogte van mogelijke tegenslagen die zij kunnen hebben. Die kunnen immers ook een invloed hebben op ùw bedrijf. Een klant wordt failliet verklaard indien aan volgende voorwaarden cumulatief is voldaan:

  • de betrokkene moet handelaar zijn;
  • hij moet opgehouden hebben te betalen (de niet-betaling van een schuld ingevolge tijdelijk geldgebrek staat niet gelijk met opgehouden te betalen. Ook omgekeerd is het zo dat het feit dat een handelaar nog een betaling heeft gedaan, niet belet dat de rechter het "ophouden te betalen" kan vaststellen);
  • zijn krediet moet aan het wankelen zijn gebracht (onderneming kan geen krediet meer bekomen).

1. Hoe wordt iemand failliet verklaard ?

De faillietverklaring wordt uitgesproken bij een vonnis van de Rechtbank van Koophandel van de plaats waar de gefailleerde zijn woonplaats heeft.Hoe komt de rechtbank ertoe om iemand failliet te verklaren ? Hierin voorziet de wet in drie mogelijkheden

1.1. Door bekentenis
Normaal moet de handelaar of de vennootschap die ophoudt te betalen, zoals hierboven omschreven, binnen de maand daarvan aangifte doen bij de griffie van de Rechtbank van Koophandel van zijn woonplaats. De handelaar zal zijn boeken neerleggen op de griffie van de Rechtbank van Koophandel.

1.2. Aangevraagd door één of meerdere schuldeisers
Elke schuldeiser kan een verzoek tot faillietverklaring indienen. De rechtbank zal in die omstandigheden moeten nagaan of aan de drie voorwaarden voldaan is en daarop haar beslissing motiveren.Schuldeisers kunnen er belang bij hebben om een onderneming failliet te laten verklaren. In dit geval verliest de schuldenaar immers het beheer over het ondernemingsvermogen en kan de put niet meer dieper gegraven worden. Met wat over is, kan misschien nog een gedeelte van hun schuld afgelost worden en is niet alles verloren. Dit is echter niet zonder gevaren. Wanneer later zou blijken dat het verzoek niet gerechtvaardigd was, draait de overhaaste schuldeiser op voor de gerechtskosten en voor het ereloon van de curator. Bovendien is hij een schadevergoeding verschuldigd als blijkt dat er kwaad opzet in het spel was.

1.3. Door de rechtbank
De rechtbank zal zich hierbij steunen op inlichtingen die zij zelf verkregen heeft. Hiervoor is er bij de rechtbanken een speciale dienst opgericht, de kamers voor handelsonderzoek, die als taak hebben ondernemingen in moeilijkheden op te sporen.

 

2. Indienen van een vordering

In het vonnis van faillissementsverklaring wordt de termijn bepaald binnen dewelke de schuldeisers gehouden zijn bij de griffie van de Rechtbank van Koophandel aangifte te doen van hun schuldvorderingen. De griffier levert bij de aangifte een ontvangstbewijs af.

Met het oog hierop worden de schuldeisers verwittigd. Dit gebeurt enerzijds door de publicatie van een uittreksel van het faillissementsvonnis in het Belgisch Staatsblad en in minstens twee dagbladen of periodieke uitgaven met regionale spreiding, en anderzijds door een aangetekend rondschrijven dat de curatoren de schuldeisers toesturen zodra zij bekend zijn. De aangifte van iedere schuldeiser vermeldt zijn naam, beroep en woonplaats, het bedrag en de oorzaak van zijn schuldvordering, de voorrechten, hypotheken, enzovoort die er aan verbonden zijn, en de titel waaruit de schuldvordering blijkt. De aangifte eindigt met een verklaring: "Ik verklaar in eer en geweten dat deze schuldvordering waar en oprecht is" en wordt getekend door de schuldeiser of zijn gevolmachtigde. De aangegeven schuldvorderingen worden vervolgens geverifieerd door de curator, onder meer door vergelijking met de boeken en bescheiden van de gefailleerde.

Van deze verificatie wordt een proces-verbaal opgemaakt dat een beknopte beschrijving geeft van de voorgelegde titels en dat aangeeft of de schuldvorderingen aangenomen of betwist worden.

Na de aangifte van iedere schuldvordering en tot op de dag die bepaald is voor de openbare behandeling van de betwistingen, kan de persoonlijke verschijning van de schuldeiser of van alle personen die inlichtingen kunnen verschaffen, gevorderd worden.

Werd een schuldvordering niet ingediend binnen de gestelde termijn, dan kunnen de schuldeisers nadien nog wel aangifte doen van hun schuldvordering. Van de uitkeringen die bevolen zijn vóór hun aangifte kunnen zij echter niets meer opeisen.

 

3. De verdachte periode

De gefailleerde wordt in beginsel geacht te hebben opgehouden te betalen vanaf het vonnis van faillietverklaring. Dit tijdstip mag door de rechtbank alleen worden vervroegd wanneer ernstige en objectieve omstandigheden ondubbelzinnig aangeven dat de betalingen voor het vonnis hebben opgehouden. Het vonnis mag het tijdstip van staking van betaling in principe niet vaststellen op meer dan 6 maanden voor het faillissementsvonnis. Dit is de verdachte periode.Alle handelingen en betalingen verricht door de gefailleerde na het uitspreken van de faillietverklaring zijn van rechtswege nietig; Dit wil zeggen niet tegenstelbaar aan de massa.Een aantal handelingen, verricht tijdens de verdachte periode, en dus voor de eigenlijke faillietverklaring, worden eveneens als nietig beschouwd. De wetgever heeft willen vermijden dat de ondernemer, die vermoedt dat hij failliet zal gaan, nog vlug een aantal mensen zou bevoordelen ten over staan van de andere schuldeisers. Het gaat hier om de volgende handelingen:

  • handelingen waardoor roerende of onroerende goederen onder kosteloze titel in eigendom worden overgedragen;
  • handelingen en overeenkomsten indien de waarde van hetgeen door de gefailleerde is gegeven aanzienlijk hoger is dan de waarde van wat hij daarvoor gekregen heeft;
  • alle betalingen van niet vervallen schulden;
  • alle betalingen van vervallen schulden die anders dan in geld of handelseffecten zijn verricht;
  • alle hypotheken en pandrechten gevestigd op goederen van de gefailleerde voor vroeger aangegane schulden.

Alle andere rechtshandelingen en betalingen kunnen niet tegenstelbaar worden verklaard aan de massa, indien de persoon die met de gefailleerde handelde of van hem betaling ontving, wist dat de gefailleerde had opgehouden te betalen.Voor handelingen die nog vóór deze periode werden verricht, geldt dat ze niet tegenstelbaar zijn aan de massa indien zij door de schuldenaar werden verricht met bedrieglijke benadeling van de rechten van de schuldeisers en met medeplichtigheid van de medecontractant. Indien goederen gratis werden overgedragen, moet zelfs de medeplichtigheid van de medecontractant niet aangetoond worden.

 

4. Gevolgen van het faillissement voor de schuldeisers

4.1. Bevoorrechte schuldeisers
Hypothecaire of bevoorrechte schuldeisers behouden principieel hun voorrecht. Zij worden veel minder geraakt door een faillissement dan de gewone schuldeisers.Hypothecaire schuldeisers, de houders van een onroerend voorrecht en de houders van een handelspand kunnen hun vorderingsrecht in elke fase van het faillissement blijven uitoefenen.De schuldeisers die bevoorrecht zijn op roerende goederen kunnen hun voorrecht pas opnieuw uitoefenen na het afsluiten van het proces-verbaal van het nazicht van de schuldvorderingen. Ook de intresten op bevoorrechte schuldvorderingen blijven lopen, maar kunnen slechts verhaald worden op de sommen, die voortkomen van de goederen onder voorrecht, in pandgeving of hypotheek.Is de waarde van het in zekerheid gegeven voorwerp lager dan het bedrag van de schuldvordering, dan is de bevoorrechte schuldeiser voor dat overige gedeelte een gewone schuldeiser van de massa.

4.2. Chirografaire of gewone schuldeisers
Tussen de gewone schuldeisers treedt er bij faillissement een samenloop op en worden zij tot één massa verenigd. Er wordt met andere woorden een eind gesteld aan de uitoefening van het verhaalrecht van iedere afzonderlijke schuldeiser om te beletten dat zo één schuldeiser meer zou ontvangen uit de opbrengst van het faillissement dan zijn evenredig deel.

Wat overblijft na de uitbetaling van de bevoorrechte schuldeisers, wordt onder deze massa van gewone schuldeisers verhoudingsgewijs, volgens de grootte van hun schuldvordering, verdeeld.

4.3. De boedelschulden
Dit zijn de schulden die door de curator, bij de uitoefening van zijn opdracht, werden aangegaan. Zij moeten integraal betaald worden vóór de schulden waartussen samenloop bestaat.
Dat boedelschulden eerst moeten uitbetaald worden, spreekt vanzelf. Wanneer diegenen die met de curator handelen niet zeker weten of zij bij voorrang betaald zullen worden, zullen zij niet bereid zijn om goederen of diensten te leveren aan de curator.

5. Afsluiting van het faillissement wegens ontoereikend actief

Wanneer het actief van het faillissement onvoldoende blijkt te zijn om de kosten van beheer en vereffening van het faillissement te vergoeden, zal het faillissement afgesloten worden zonder verdere bewerkingen. De curator zal dit, na onderzoek van de balans en de inventaris, voorstellen aan de Rechtbank van Koophandel. Het is de rechtbank die de sluiting van de bewerkin­gen van het faillissement uitspreekt.De taak van de curator neemt dan een einde en de schuldeisers treden terug in de uitoefening van hun afzonderlijke rechtvorderingen tegen de gefailleerde.

6. Vereffening van een faillissement

6.1. Het akkoord na faillissement
Dergelijk akkoord komt tot stand op voorstel van de gefailleerde en moet aanvaard worden door de meerderheid van de stemgerechtigde schuldeisers, die bovendien 3/4 moeten vertegenwoordigen van het geheel van de schuldvorderingen.

De gefailleerde komt opnieuw aan hoofd van zijn zaak, bekomt gedeeltelijke kwijtschelding van schulden en uitstel van betaling voor het saldo.

6.2. De vereffening
Wanneer er geen akkoord is tot stand gekomen, wordt de procedure van het faillissement voortgezet. Het actief zal ten gelde gemaakt worden teneinde de opbrengst ervan te verdelen onder de schuldeisers.

 

7. Terugvorderen van de btw op de verloren vordering

Wanneer de vordering op de failliete klant btw bevat, kan deze terugge­vraagd worden aan de btw-administratie.

8. Definitief afboeken van de vordering

Wanneer blijkt dat de vordering definitief verloren is, moet zij uit de boeken verdwijnen. Indien er reeds een volledige waardevermindering voor geboekt was, zal deze waardevermindering weggeboekt worden ten opzichte van de al dan niet dubieus gezette vordering. De btw van de vordering komt op de rekening "Terug te vorderen btw" (zie hierboven). Indien er nog geen waardevermindering voor geboekt was, wordt de vordering rechtstreeks afgeboekt ten opzichte van de waardevermindering en de terug te vorderen btw.De Administratie van de Directe Belastingen aanvaardt het definitief verlies van een vordering op basis van een attest van de curator, waaruit blijkt dat de vordering definitief verloren is. Wanneer het faillissement niet is afgesloten of de schuldeiser niet in het bezit is van een attest, mag er zonder beperking een waardevermindering op de vordering geboekt worden in de mate dat het verlies van die vordering op het einde van het jaar waarschijnlijk is.

9. Besluit

Wat moet u doen indien een klant failliet gaat?

  1. Dien uw schuldvordering tijdig in bij de griffie van de Rechtbank van Koophandel
    Als een klant failliet gaat en hij heeft nog openstaande facturen, moet er zorg voor gedragen worden dat de vordering tijdig bij de griffie van de Rechtbank van Koophandel wordt ingediend.

  2. Meld eventuele handelingen in de verdachte periode
    Indien u ervan op de hoogte bent dat handelingen hebben plaatsgevonden in de verdachte periode, die nietig verklaard kunnen worden, meldt u dit best aan de rechtbank.

  3. Weet dat uw klant failliet kan gaan
    Weet dat, als u bepaalde overeenkomsten met een klant afsluit die vermoedelijk failliet zal gaan, deze nietig kunnen verklaard worden.

  4. Recupereer de btw op de vordering

  5. Boek een waardevermindering

  6. Ga bedachtzaam te werk
    In een aantal gevallen kan het interessant zijn om uw schuldenaar failliet te laten verklaren. Op deze wijze kan de put niet meer dieper worden gegraven. Ga hier echter niet onbezonnen te werk.