Selecteer uw kantoor uit onderstaande lijst

Op basis van uw locatie selecteerden wij ons kantoor in . Wijzigen? Zoek SBB-kantoor.

3 financiële tips voor startende tandartsen

02 jan 18 Door Nathalie Put

Zodra je stage als tandarts start, begint je zelfstandigenleven. Daar komen meteen een aantal financiële uitdagingen bij kijken: je betaalt sociale bijdragen, maar maakt ook de nodige beroeps- en verzekeringskosten. Benieuwd hoe je die kosten voordelig inbrengt? En ook je eerste inkomsten optimaal beschermt? Deze handige tips heb je zó achter de kiezen.

Tip 1: open een aparte rekening voor je zaak

Ben je van plan om een vennootschap op te richten, dan is een aparte rekening voor je zaak verplicht. Start je met een eenmanszaak, dan heb je de keuze. De voordelen? Een professionele rekening vereenvoudigt je administratie en integreert vaak met extra tools, zoals boekhoudsoftware. Met een zakelijke rekening vermijd je bovendien dat de fiscus toegang vraagt tot je ‘gemengde’ rekening – lees: de privérekening die je eventueel voor je beroep zou gebruiken.

In deze blog lees je meer over de voordelen van een zakelijke rekening.

Tip 2: je maakt meer beroepskosten dan je denkt

De uitgaven die je doet in het kader van je beroep als tandarts, geef je aan op je belastingbrief. Die kosten – beroepskosten genoemd – mag je aftrekken van je inkomen. Het resultaat is dan je netto-inkomen, waarop je uiteindelijk wordt belast. Hoe meer beroepskosten je maakt, hoe minder belastingen je betaalt. Het is dus belangrijk om te weten welke kosten je zoal kan inbrengen.

Volledig aftrekbare kosten

Kosten ‘binnen je onderneming’ zijn 100% aftrekbaar. Hierbij horen onder meer:

  • je sociale bijdragen,
  • je verzekeringen,
  • je beroepskledij als tandarts,
  • de kost van je boekhouder,
  • de kost voor je inschrijving in de KBO.

Deels aftrekbare kosten

De aankoopprijs van je wagen mag je – ten belope van het beroepsmatig gebruik – voor minstens 75% inbrengen als je een eenmanszaak hebt. Heb je een vennootschap, dan varieert de aftrek tussen de 40 en 100%.

Ook de kosten voor het gebruik van de wagen van je ouders mag je als beroepskost inbrengen. De voorwaarde is wel dat je aantoont dat je zelf voor die kosten instaat. Via een afschrift van een overschrijving aan je ouders of de verzekeringsmaatschappij kan je bijvoorbeeld bewijzen dat jij de autoverzekering – die op naam staat van je ouders – betaalt.

Forfaitaire vs. werkelijke kosten

Als vrije beroeper kan je trouwens kiezen voor een ‘forfaitaire kostenaftrek’. In dat geval wordt een vaststaand percentage van je omzet afgetrokken. Je hoeft dan geen bonnetjes of aankoopbewijzen bij te houden. Natuurlijk is het niet zeker of je dan wel degelijk met een lager netto-inkomen eindigt dan bij de aftrek van je werkelijke beroepskosten. Je boekhouder helpt je deze knoop doorhakken.

Tip 3: je hebt baat bij je ‘baten’

Je inkomsten als tandarts worden beschouwd als ‘baten’, waarop het zogenaamde ‘kasstelsel van de vrije beroepen’ van toepassing is. Dat betekent dat je inkomsten pas belast worden op het moment dat je ze effectief ontvangt, en dus niet op het moment waarop het recht op die inkomsten ontstaat.

In je startjaar kan je hier meteen van profiteren. Via het kasstelsel kan je er namelijk voor zorgen dat je de inkomsten van december in je startjaar, pas in januari van het jaar erop ontvangt. Een goed idee, want zo hou je de inkomsten in je startjaar beperkt en bijgevolg je eerste sociale bijdragen laag. De praktische kant hiervan is natuurlijk specialistenwerk, dus laat dit zeker over aan je boekhouder.

Meer weten?

Check ook dit handige stappenplan en onze startersgids voor meer informatie rond starten in een vrij beroep. Andere (financiële) vragen? Contacteer een SBB-kantoor in je buurt, onze startersadviseurs helpen je graag op weg.

Nathalie

Nathalie

starterscoördinator

Schrijf u in op de sectornieuwsbrief en blijf steeds op de hoogte van veranderingen.